Veelgestelde vragen Afdrukken E-mail


hieronder vindt u vragen die in het verleden regelmatig zijn gesteld aan M-Sails.
deze vragen zijn voor uw gemak voorzien van een uitgebreid antwoord.
indien u ook een vraag heeft, maar deze niet beantwoord ziet op deze pagina, bent u van harte welkom om deze aan ons te stellen. Stuurt u in dat geval een email naar Dit e-mailadres is beveiligd tegen spambots, u heeft JavaScript nodig om het te kunnen bekijken .

  
Algemene vragen 
  
Welke doeksoort is de beste keuze
allereerst worden hier niet de exotische doeksoorten besproken; deze zijn alleen interessant voor de pur sang wedstrijdzeiler die geen prijs stelt op lange levensduur.
onze zeilmakerij verwerkt deze alleen in speciale gevallen.
de besproken doeksoorten zijn de polyesterdoeken (dacron) en nylondoeken (spinnakerstof)
de polyesterdoeken zijn er in zeer veel verschillende gewichten en afwerkingen; uit meer dan 20 jaar ervaring en na vele duizenden gemaakte zeilen berekenen wij een "juiste" keuze aan de hand van de door u opgegeven maten van het zeil en type boot voor de nylondoeken geldt welhaast hetzelfde, echter is de keuze veel beperkter
 
   
Welk doekgewicht is de beste keuze 
de bepaling van het doekgewicht geschiedt na berekening van de oppervlakte van het zeil en voor welke windsterkte het geschikt moet zijn
dat iemand voor zwaarder of juist lichter kiest behoort zeker tot de mogelijkheden, natuurlijk in overleg met de zeilmakerij 
    
Welke snit c.q. banenpatroon is de beste keuze 
het banenpatroon is meestal horizontaal, d.w.z. dat alle banen haaks op het achterlijk staan
als echter de krachten zo groot worden dat de rek in het zeil tot onaanvaardbare proporties leidt, kiest onze zeilmakerij ervoor om vanuit die plek de banen a.h.w. te laten weglopen: we spreken dan van radiaal

bij rolreefvoorzeilen is dat het geval als de oppervlakte van heel groot tot veel kleiner gereduceerd moet kunnen worden (met behoud van de aan de windse eigenschappen); meestal worden vanuit de schoothoek en de tophoek de banen dan radiaal gesneden: dit wordt bi-radiaal gesneden genoemd (dat de tophoek ook radiaal gesneden wordt, komt omdat anders de laatste baan langs het achterlijk scheef ligt t.o.v het achterlijk en dus het meest onderhevig is aan ongecontroleerde rek en dat nota bene bovenin het zeil waar de meeste wind staat)
tri-radiaal met de horizontale banen in het midden bij rolreefvoorzeilen is af te raden: de horizontale banen in het midden doen meer kwaad dan goed, omdat de hoeken nergens mee corresponderen en er eigenlijk helemaal geen voordeel mee te bereiken is
als de krachten bij de halshoek van een rolreefzeil zelfs zo groot worden dat er ongecontroleerde rek en dus plooivorming ontstaat, wordt ook hier met een radiaal banenpatroon gewerkt: we spreken dan van full-radial (soms wordt dit ook wel tri-radiaal genoemd)

de top van een spinnaker wordt eigenlijk altijd radiaal gesneden vanwege de kromming van de beide lijken; vandaar de naam radial head
tri-radiale snit voor een spi kan juist wel, omdat de banen haaks op de lijken staan en de breedte (relatief) erg groot is
bij spinnakers is ongecontroleerde rek en dus plooivorming veel sneller in het geding; vandaar dat spinnakers vaak full-radial worden gesneden; opti-radial is wanneer de radiale banen niet uit één stuk zijn, maar ook weer in aparte delen worden gemaakt, waarbij geprobeerd wordt dat ieder deel de rek-richting optimaal volgt (om de plooivorming zo goed mogelijk onder controle te houden)
 

Zeiltips

Gebruik reguleerlijn in het achterlijk 
de reguleerlijn wordt door onze zeilmakerij in het achterlijk van een zeil aangebracht eigenlijk om te gebruiken bij de eerste keer zeilen als de ideale stand van de schoothoek nog niet is bepaald
voorts gebruikt u de reguleerlijn als het zeil oud is geworden en de vorm niet meer correct; het achterlijk gaat dan klapperen
dit wordt weggetrokken door de reguleerlijn aan te trekken; het nadeel is dat de luchtstroom niet meer ideaal afstroomt van het zeil (dit is een remmende werking) 
    
wat is de juiste schoothoek 
de schoot staat in het verlengde van de lijn die loopt van het midden van het voorlijk naar de schoothoek
de bepaling van het midden van het voorlijk doe je gewoon door het aantal banen te tellen of het aantal leuvers
door daar een merkteken op het zeil te zetten (een plakkertje of een potloodstreep) kan iemand vanaf de kant naar het zeil kijken en aan degene die aan boord staat aanwijzingen geven
vergeet niet de plek op rail ook te markeren
nota bene: de plek op de rail verschuift bij een rolreefgenua mee naar voren als het zeil gereefd wordt !!